Een kritische kijk naar gameverslaving

0
1293
Een kritische kijk naar gameverslaving

Actueel – 12.000 gameverslaafde jongeren, maar klopt dat wel?

Volgens recente studies is gebleken dat gameverslaving een reëel probleem kan vormen voor onze jeugd, maar naar ons gevoel wordt er weinig onderbouwende context geboden door zowel voorstanders als tegenstanders van deze studies. Hoe wordt gameverslaving geconstateerd en betekent dit dat u uw kind moet verbieden om nog ooit een controller, toetsenbord of muis aan te raken?

Media hype

Het nieuws is er in het verleden al bovenop gesprongen, tal van programma’s hebben experts ingehuurd om hun woordje te komen doen en zogenoemde ‘slachtoffers’ zijn opgetrommeld om de kijkcijfers op te stuwen. Game-land heeft geschokt gereageerd en woest van zich afgebeten zoals verwacht, maar natuurlijk is er onder sommige gamers wel degelijk een gevoel van herkenning. Er zijn echter een aantal problemen met het vaststellen van gameverslaving; de wetenschap is er namelijk nog niet over uit hoe het nou precies allemaal zit en de puzzelstukjes moeten nog in elkaar gelegd worden in de komende maanden, zo niet jaren.

Er zijn vele reacties geweest en fragmenten uit televisie programma’s, maar onze speciale aandacht gaat vooral uit naar het programma Rondom 10. Hieronder leest u meer over dit programma en de desbetreffende relevante uitzending en hoe men daar tegen dit ‘lastige’ onderwerp staat.

Oordeelt u zelf.

Rondom 10

Het programma begint meteen al op de verkeerde voet, het zet gamers meteen in een kwaad daglicht. De gasten bestaan opvallend genoeg uit excentrieke figuren; de Limburgse jongen met het, voor veel mensen, vreemde (sterke) accent, een andere gamer die maar niet uit zijn woorden komt. Ze lijken een beetje, speciaal voor deze avond en uitzending, te zijn geselecteerd. Ook de beelden van een avondje gamen zijn erg suggestief en het beeld wordt naar onze mening nogal veel herleid naar geweld. We zien ook meerdere malen een shot van sigaretten, waarmee het programma ons inziens graag ook de link legt tussen meerdere verslavingen. De visie van de programmamakers lijkt binnen enkele minuten duidelijk, maar gelukkig krijgen zij een sterk weerwoord van enkele deskundigen die inhoudelijk goed reageren.

Een van die experts is de heer Lemmens. Hij geeft aan dat de diagnose voor gameverslaving niet zomaar gegeven kan worden op (alleen maar) basis van bijvoorbeeld het gespeelde aantal uren; “tijd kan een indicatie zijn van verslaving, maar is geen maatstaf”

Ook zegt hij:
“Je moet obsessief met games bezig zijn, het moet zó erg zijn dat het problemen oplevert op sociaal of emotioneel vlak en dat je, ondanks die problemen, je gamegebruik niet (meer) kan controleren”

Nog belangrijker is misschien wel dat de heer Lemmens zegt dat het geen officiële diagnose is en dat het onderzoek aan de hand van een simpele vragenlijst is verlopen. Hij merkt ook nog op dat een vragenlijst misschien helemaal niet de juiste manier of methode is voor het vaststellen van een gameverslaving.

Ook de van Gamekings bekende Boris geeft zijn mening (wederom) in dit programma, na dit al te hebben gedaan in zijn eigen tv-programma. Hij is van mening dat er geen verband is tussen games en verslaving, maar zoekt de problematiek van de gameverslaafden juist in de achterliggende condities van het ‘slachtoffer’, wat hierna ook bevestigd wordt door een aanwezige behandelaar van een der gameverslaafde gasten die ook in de uitzending zit.

Verder wordt er in het programma nog ingegaan op de leeftijdsgrens van games, en lichamelijke gevolgen en ongemakken van gamen. Deze hebben echter op gameverslaving zelf weinig betrekking, maar gaan meer over algemene gezondheid. Vele uren gamen is te vergelijken met het hebben van een stressvolle kantoorbaan waar men ook weinig beweging krijgt en de hele dag achter de schermen zit. Behalve de stress die uren achter elkaar gamen met zich meebrengt is de genoemde vergelijking voor ons verder niet relevant of interessant.

conclusie:
Games op zich lijken niet het probleem, er is vaak sprake van obsessief gedrag en/of achterliggende problematiek.

Is gamen dan toch veilig?

Ondanks dat het onderzoek geen garantie biedt, zoals de heer Lemmens al aangeeft door een vragenlijst niet als juiste vaststellingsmethode te beschouwen, zijn er toch veel mensen, zowel jongeren als volwassenen die probleemgedrag vertonen bij overmatig gamen. De vraag is en blijft of dit door het gamen zelf komt of door een achterliggend dieper probleem.

Als de game er niet meer zou zijn, was het probleem dan opgelost of zou er dan gezocht worden naar een nieuwe vorm van gewoonteverslaving of zelfs een middelenverslaving? Moet een gameverslaafde in behandeling voor een gameverslaving of moet hij behandeld worden voor iets anders?

Ook middelenverslaving heeft vaak een achterliggende oorzaak. Alcoholconsumptie om problemen (even) te vergeten, roken om stress te verminderen, blowen om rustig te worden etc. Misschien is gamen wel degelijk vergelijkbaar met andere verslavingen. Aan de andere kant is iedere gewenning een vorm van verslaving. Iemand die elke dag zijn tanden poetst en het opeens door bijvoorbeeld lichamelijk ongemak niet meer kan, zal dit als onprettig ervaren, de routine en gewenning wordt gemist. Het verslavingsprobleem ontstaat als er negatieve gevolgen zijn verbonden aan een gewenning of gewoonte. Dit is volgens de heer Lemmens bij ongeveer 2 tot 4 procent van de jongeren het geval. Het valt dus niet te ontkennen dat zij hulp nodig hebben om van het gamen af te komen, maar zij zullen ook hulp nodig hebben om het achterliggende probleem op te lossen; dus het achterhalen van waarom betreffende jongere juist vlucht in gaming.

Fysiologie en gameverslaving

Een van de kenmerken van een middelenverslaving is het vrijkomen van stofjes in de hersenen, iets wat ook voorkomt bij gewoonteverslaving. Het is één van de belangrijkste elementen van de verslavingspsyche. Bij de spanning en sensatie van de games komt een stofje vrij genaamd endorfine. Dit stofje zorgt er voor dat wij ons goed voelen. Lichaam en geest kunnen hier geen genoeg van krijgen. Er bestaat wel een controverse op het gebied van endorfineverslaving. Endorfine komt namelijk ook vrij bij gezonde activiteiten, zoals sport. En ook sporters kunnen verslaafd raken aan deze stof.

Toch worden gamers bestempeld als verslaafd waar sporters worden bestempeld als gedreven. Dat terwijl sporters net als gamers ontzettend emotioneel kunnen reageren op hun prestaties en, wederom net als gamers, kunnen sporters ook in een isolement leven. Natuurlijk hebben we het hier over uitzonderingen, want niet iedere hardloper is een endorfineverslaafde atleet, maar eveneens is ook niet elke gamer per definitie endorfineverslaafd.

In datzelfde programma Rondom 10 wordt ook het stofje adrenaline genoemd als boosdoener, omdat het cholesterol opwekt. Dit kan inderdaad gevaarlijk zijn, maar als we naar het dagelijks leven kijken van de gemiddelde volwassen Nederlander, dan hebben de meeste mensen sowieso te weinig beweging in hun leven, dat gamen niet aan de benodigde beweging bijdraagt kan beaamd worden, maar om de link tussen gamen en obesitas te leggen vinden wij sterk overtrokken en vergezocht. Daarnaast is adrenaline een stof die vrij komt bij intense spanning (bijvoorbeeld tijdens het gamen), iets waar je in de meeste games niet continu aan wordt blootgesteld.

Ook schrijft het Trimbos instituut: “van alle volwassen Nederlanders heeft bijna 1% ooit in het leven een Obsessief Compulsieve Stoornis (OCS) gehad. Jaarlijks krijgt 0,5% voor het eerst een obsessief compulsieve stoornis.” Een groot aantal gameverslaafden zou met een vorm van OCS te maken kunnen hebben. Nu zal niet iedereen met OCS in contact komen met games en gameverslaving, maar mocht die kans erin zitten, dan zal deze 1% wel een risicogroep zijn.

De digitale vlucht, MMORPG’s (Massively multiplayer online role-playing games)

Geen betere plek om te vluchten dan in een digitale wereld, waar men een ‘nieuw’ leven op kan bouwen en een andere identiteit kan aannemen en waar men de alledaagse problemen en werkelijkheid even kan ontvluchten. Het is de lokroep van gameverslaving, de MMO’s (massively multiplayer online games) lijken verantwoordelijk te zijn voor een groot deel van de gameverslaafden.

Het gevaar in spellen als World of warcraft zit hem ons inziens eerder bij het volwassen publiek. Deze games hebben vaak een sociaal aspect waar jongeren nog niet zo begaan mee zijn. Veel guilds (een groep mensen die samen spelen) nemen dan vaak ook alleen maar mensen aan van 18+. Men ziet ook vaak dat er in jongere groepen weinig orde is en vooral chaos ontstaat. Hierdoor verandert de spelervaring voor de jeugdigen en achten wij ze minder gevoelig voor de MMO gameverslaving. Toch zijn er ook erg veel spelers in World of Warcraft die gewoon een normaal alledaags leven leiden en zonder problemen genieten van hun digitaal alter ego. Dit roept weer de vraag op of gameverslaving wel een verslaving is aan games of dat het te maken heeft met een obsessieve stoornis waarbij gamen simpelweg het middel is.

In het programma Rondom 10 wordt door een der gasten gezegd dat het probleem in MMORPG’s is, dat er geen einde aan zit, al heeft dit ons inziens voornamelijk te maken met de individuele doelstelling; iemand kan er voor kiezen om het spel uitgebreid of simpel te spelen, er zijn meerdere manieren om het spel te spelen en meerdere varianten mogelijk om het pad te belopen,maar feit blijft dat het voor obsessieve gamers erg lastig is om (zichzelf) een halt toe te roepen.

De stelling ‘er komt geen einde aan een game, het gaat maar door’ gaat ons inziens ook niet op voor andere gamegenres in de industrie. Zo kan men bij FIFA 2010 elke keer opnieuw met een ander team gaan voetballen en ook in dit genre komt er elk jaar een nieuwe versie uit, waar de voetbalfans ook geen genoeg van kunnen krijgen. Kortom het argument dat er geen einde zit aan MMO’s is naar onze mening overdreven en afhankelijk van de speelwensen en speeldoelstellingen per individuele speler.

Een lineaire doel

De stelling ‘er komt geen einde aan een game, het gaat maar door’ gaat ons inziens ook niet op voor andere gamegenres in de industrie. Zo kan men bij FIFA 2010 elke keer opnieuw met een ander team gaan voetballen en ook in dit genre komt er elk jaar een nieuwe versie uit, waar de voetbalfans ook geen genoeg van kunnen krijgen. Kortom het argument dat er geen einde zit aan MMO’s is naar onze mening overdreven en afhankelijk van de speelwensen en speeldoelstellingen per individuele speler.

WCG – World cyber games

In tegenstelling tot de meeste verslavende middelen of gewoontes heeft gamen ook veel positieve effecten op ons. Games zorgen voor intellectuele uitdagingen door ons aan het denken te zetten. Games kunnen sociale vaardigheden versterken en mensen met elkaar in contact brengen, hoewel dit niet vergelijkbaar is met ‘echt’ contact. Games bevorderen motoriek, zorgen voor competitie en voor sommigen zelfs een doel in het leven.

Als negatieve effecten dienen opgemerkt te worden; tal van lichamelijk klachten zoals RSI, rug en nek klachten en de huidige 3D technologie die zelfs evenwichtsproblemen bij kinderen blijkt te veroorzaken.

Op dit moment zijn echte sporten als bijvoorbeeld de olympische spelen nog steeds populairder dan de ‘World cyber games’, maar met de huidige trend zal de digitale variant van sport ooit de ‘echte’ variant voorbij gaan in populariteit. Steeds meer games worden door toeschouwers bekeken, zoals bijvoorbeeld Starcraft 2, waar commentaar wordt gegeven tijdens het spel door mensen via live broadcasts. In Korea zijn professionele gamers al net zo beroemd als popsterren in Amerika. Stadions zitten vol met fans om te kijken naar een potje Starcraft tussen de twee beste spelers van de wereld.

Deze spelers mogen zich ook atleten noemen, zij trainen iedere dag 8 uur om tot de professionele top te kunnen behoren. Zijn zij dan ook verslaafd? Waarschijnlijk zouden zij moeite hebben om zonder de game door het leven te gaan, maar zij vertonen net als veel andere gamers geen problematisch gamegedrag.

Conclusie

Wij zijn van mening dat games op zichzelf niet de boosdoener van verslaving zijn, maar slechts een eventueel gevolg van (ander) problematisch gedrag. Iemand kan dus wel degelijk gameverslaafd zijn, maar dit wil absoluut niet zeggen dat games verboden zouden moeten worden of dat het aan banden gelegd moet worden. Games en de meeste vormen van entertainment zijn een vorm van ontspanning en in sommige gevallen een vorm van sensatie. Het is maar in enkele gevallen zo dat games tot problemen leiden, met dien verstande dat de problemen al sluimerden/aanwezig waren bij de persoon in kwestie, voordat de games aan hem of haar gepresenteerd werden. Games onderscheiden zich op veel manieren van de bekende verslavingen en heeft ook op veel minder mensen het verslavende effect dat we van bijvoorbeeld alcohol en tabak kennen. Desalniettemin verdient gameverslaving wel degelijk aandacht en ‘helpikbenverslaafd’ zal die aandacht dan ook aan eenieder bieden die zich hier wil presenteren met zijn of haar probleem.

Gameverslaving is niet de aandoening maar het gevolg van een aandoening.

Links naar video’s over gameverslaving en de effecten van games
Rondom 10 aflevering
Ted-talk over de positieve effecten van games (Engels)
Penn and teller’s bullshit over games (Engels & Slecht taalgebruik)
Discovery Gamer generation (Engels)

Reacties

reacties